Strippen / Inleiden

In Nederland mag u wanneer u gezond bent bij de verloskundige bevallen tussen 37 – 42 weken.

Het kan heel goed zijn dat u na 40 weken nog steeds zwanger bent. De meeste vrouwen in Nederland met een gezonde zwangerschap bevallen tussen 40 – 41 weken zwangerschap. Bijna iedere vrouw wil op dat moment graag bevallen, omdat de zwangerschap zwaar wordt voor uw lijf, maar natuurlijk ook omdat u nieuwsgierig bent naar uw kind en eraan toe bent om (opnieuw) ouders te worden. Helaas heeft u weinig tot geen invloed op de geboortedatum van uw kind. Een kind wordt over het algemeen geboren wanneer hij/zij eraan toe is en een seintje aan uw hersenen geeft om weeën te gaan maken of uw vliezen te laten breken.

Wanneer u tussen 41 en 42 weken nog zwanger bent, u zich prima voelt en de baby het nog goed maakt in de baarmoeder is het geen probleem om een spontane start van de bevalling af te wachten. Het is wel mogelijk om rond de 41 weken zwangerschap de kans op bevallen te vergroten door strippen.

Strippen

strippen-afbeelding

1. Baarmoedermond
2. Vliezen
3. Vagina

Een kind ligt normaal gesproken aan het eind van de zwangerschap met zijn/haar hoofd vast in het bekken van de vrouw. Rondom het hoofdje zit een beetje vruchtwater en zitten er vliezen rondom het kind en het vruchtwater. Deze vliezen zitten vast aan de placenta en vastgeplakt aan de moederwand en baarmoedermond. Als je rond 41 weken zwanger bent is er een goede kans dat uw baarmoedermond al een klein beetje open staat. Dan kan met een inwendig onderzoek met 1 0f 2 vingers de baarmoedermond ingegaan worden en een vinger op het hoofd van de baby geplaatst worden. Tussen de baby en de vinger zitten de vliezen (zie plaatje hieronder). Tijdens het inwendig onderzoek proberen wij die vliezen een beetje los te woelen van de baarmoedermond zonder ze te breken. Dit wordt strippen genoemd. Na het strippen heeft u meer kans (20% meer) om te gaan bevallen doordat uw lichaam prostanglandines (hormoonachtig stofje die weeën opwekken) aan gaat maken. Die prostanglandines zorgen ervoor dat uw baarmoedermond “rijper” wordt en kan ervoor zorgen dat u binnen 48 uur gaat bevallen. Wanneer u niet bent bevallen na het strippen, is het mogelijk om het strippen na 2 dagen nogmaals te herhalen tot u bevallen bent of 42 weken zwanger bent. Dan wordt u overgedragen aan de gynaecoloog om de bevalling in te leiden.

Inleiden van de bevalling

Wanneer u er doorheen zit, u zich niet lekker voelt of wij vinden dat u of de baby het minder goed maakt is het mogelijk om de bevalling op te wekken. In principe wordt dit zonder duidelijke medische indicatie niet voor 41 weken zwangerschap gedaan. Na 41 weken zwangerschap is het mogelijk om u naar de gynaecoloog te sturen om de opties tot inleiden van de bevalling te bespreken.

Inleiden van de bevalling wordt door de arts of verloskundige van het ziekenhuis gedaan door in het ziekenhuis uw vliezen te breken en u aan te sluiten op een infuus welke oxytocine (kunstmatige weeënopwekkers) toedient. Hierdoor krijgt u weeën en gaat u bevallen. Om uw vliezen te kunnen breken moet u wel 1 – 2 cm ontsluiting hebben en het hoofdje van de baby goed ingedaald zijn.

Het kan zijn dat uw baarmoedermond nog helemaal dicht is en uw vliezen niet gebroken kunnen worden. Dan wordt u opgenomen in het ziekenhuis en wordt u geprimed. Primen betekend: de baarmoedermond rijp maken door middel van prostanglandines (hormoonachtig stofje). Tijdens het primen krijgt u drie keer per dag een vaginaal tabletje die ervoor zorgen dat uw baarmoedermond rijp wordt en u 1-2 cm ontsluiting krijgt. Het kan zijn dat u van deze tabletjes gaat bevallen, maar meestal wordt u ingeleid als u voldoende ontsluiting van deze tabletjes hebt gekregen. U kunt zich voorstellen dat het een aantal dagen kan duren voordat u daadwerkelijk gaat bevallen. Dit is afhankelijk van uw reactie op de medicatie.

Het liefst willen we dat u spontaan gaat bevallen. Tijdens een bevalling die uit zichzelf op gang komt maakt u over het algemeen een betere combinatie van hormonen aan en heeft u zo minder kans op bijvoorbeeld een kunstverlossing, niet vorderen van de ontsluiting of uitdrijving, of het niet spontaan komen van de placenta na de bevalling. Dit zijn redenen waarom we in Nederland altijd nog een beetje een afwachtend beleid voeren ten opzicht van kunstmatig inleiden van de bevalling. Voor meer informatie zie ook het kopje Zwanger: zwangerschapscomplicaties / serotiniteit.